Opleiding Maatschappij & Gezondheid 2019: de veranderingen en FAQ (NSPOH/TNO)

[vc_row][vc_column][vc_column_text]Omdat de instroom van artsen in de opleiding Maatschappij & Gezondheid niet voldoende is om de behoefte aan opgeleide artsen in het werkveld te vervullen, heeft het ministerie van VWS in 2017 besloten om een aantal vernieuwingen in te zetten. Zie ook het KAMG-voorstel voor het brede ‘programma versterken arts M&G’. Onderstaand vind je een bericht van NSPOH en TNO met meer informatie en een link naar veelgestelde vragen.

Een van deze vernieuwingen is dat aios (artsen in opleiding tot specialist) Maatschappij & Gezondheid vanaf 1 januari 2019 in dienst komen van één werkgever, de SBOH. Dit wordt ook wel landelijk werkgeverschap genoemd. Het grote voordeel is dat we op deze manier in staat zijn om de aios in de nieuwe opleiding in en van meerdere opleidingssituaties te laten leren. De verandering heeft betrekking op de profielen jeugdgezondheidszorg, infectieziektebestrijding, tuberculosebestrijding en medische milieukunde, en de hierbij horende 2e fase.

Het ministerie van VWS, de wetenschappelijke verenigingen en de opleidingsinstituten NSPOH en TNO hopen op deze manier te bereiken dat de opleiding aantrekkelijker wordt voor jonge artsen, en dat dit hen motiveert voor de sociale geneeskunde te kiezen.

Wat verandert er precies?

In de nieuwe (profiel)opleidingen Maatschappij & Gezondheid krijgen aios meer ruimte om bruggen te bouwen. Bijvoorbeeld tussen de klinisch werkende professionals en de sociale geneeskunde en tussen het sociale domein en de publieke gezondheidszorg. Maar zeker ook tussen de verschillende professionals in de profielen M&G. Samenwerking met andere disciplines wordt steeds belangrijker, onder meer door ontwikkelingen op het gebied van vaccins, seksuele gezondheid, kindermishandeling en antibioticaresistentie. De nieuwe opleiding besteedt daarnaast nog meer aandacht aan academisering. Zo leiden we op voor de toekomst.

Aios zijn vanaf 2019 niet meer in dienst van de instelling waar ze hun opleiding volgen, maar bij de SBOH. Er komt een landelijke selectiecommissie, waar artsen die de opleiding Maatschappij & Gezondheid willen volgen, kunnen solliciteren. Het opleidingsinstituut (NSPOH of TNO) plaatst geselecteerde artsen bij een geschikte opleidingsinstelling.

Voor huidige aios M&G en profielartsen is er uiteraard een overgangsregeling. Aios die op dit moment de 1e of 2e fase van de opleiding volgen, kunnen de opleidingsfase afmaken bij hun huidige werkgever en volgens de huidige opleiding. Profielartsen die bij een erkende opleidingsinstelling werken en die uiterlijk in 2022 starten met de 2e fase solliciteren wel bij de landelijke selectiecommissie. Eenmaal geselecteerd blijven zij in dienst van hun huidige werkgever en volgen ze hier – indien mogelijk – ook de opleiding.

Naar de veelgestelde vragen[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row]

Boek ‘Zó werkt de publieke gezondheidszorg’ in de maak

[vc_row][vc_column][vc_column_text]KAMG gaat inhoudelijk bijdragen aan een special over de publieke gezondheidszorg, een uitgave van Platform Zó werkt de zorg. Eerder verschenen in deze serie ‘Zo werkt de zorg in Nederland’ en ‘Zo werkt de huisartsenzorg’.

Heldere informatie nodig

Voor veel mensen, zowel binnen als buiten de gezondheidszorg, is nog onvoldoende duidelijk wat publieke gezondheidszorg precies is en hoe dat in Nederland in elkaar steekt. Wat houdt de Wet publieke gezondheid precies in? Wie betaalt wat? Hoe zijn de verantwoordelijkheden van Rijk en gemeenten verdeeld, wat is de rol van de GGD en welke partijen werken nog meer in de preventieve gezondheidszorg? Wat is een arts maatschappij en gezondheid eigenlijk, hoe wordt deze opgeleid en welk professionals werken nog meer in de publieke gezondheidszorg?

Het is in het belang van de leden van KAMG dat zoveel mogelijk mensen begrijpen wat de arts M&G doet en waarom dat nodig is. Bijvoorbeeld toekomstige artsen of andere zorgprofessionals die in of met de publieke gezondheidszorg (gaan) werken, maar ook disciplines die indirect met ‘maatschappij en gezondheid’ te maken hebben en er hun weg moeten kunnen vinden. Daarnaast hebben onder meer artsen maatschappij & gezondheid zelf, sociaal verpleegkundigen, public health professionals en bestuurders betrouwbare en overzichtelijke informatie nodig.

Special ‘Zo werkt de publieke gezondheidszorg’

De special ‘Zo werkt de publieke gezondheidszorg’ bundelt alle relevante informatie over bijvoorbeeld hoe de financiering en verantwoordelijkheidsverdeling in elkaar zit, wie wat doet en waar kansen liggen voor samenwerking met andere partijen in de nabije toekomst. Het boek wordt geschreven door De Argumentenfabriek in opdracht van Platform Zó werkt de zorg en met de inbreng van diverse deskundigen. KAMG, SBOH, RIVM, VWS en GGD GHOR Nederland maken de totstandkoming van deze special over publieke gezondheidszorg mede mogelijk. Het boek verschijnt eind 2018.[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row]

Nieuw opleidingsplan Arts M&G definitief

[vc_row][vc_column][vc_column_text]In november 2017 bekrachtigde het KAMG-bestuur het opleidingsplan arts M&G, volgend op de vaststelling met wijzigingen in november 2016. Het opleidingsplan 2017 is opgesteld door vanuit het specifieke karakter van de diverse deskundigheidsgebieden te komen tot wat ‘ons bindt’ in de publieke gezondheidszorg, gericht op gezondheidsbescherming, gezondheidsbevordering en ziektepreventie. Er wordt geen onderscheid meer gemaakt in eerste en tweede fase en profielen. Er zijn vijf deskundigheidsgebieden gedefinieerd:

  1. JeugdGezondheid (JG).
  2. Medische expertise kindermishandeling en huiselijk geweld en Forensische geneeskunde (MF).
  3. Infectieziektebestrijding, Tuberculosebestrijding en Medische milieukunde (ITM).
  4. Medische Advisering (MA).
  5. Donor- en Farmaceutische geneeskunde (DF)

Het opleidingsplan 2017 beschrijft de opleiding voor zover dat voor alle aankomend artsen M&G geldt. Wat voor de deskundigheidsgebieden in het bijzonder geldt, werken de wetenschappelijke verenigingen nu uit. Zij denken na over welke kennis, vaardigheden en attitude belangrijk zijn voor het betreffende deskundigheidsgebied. Deze moeten voor 1 april 2018 klaar zijn en komen als bijlage bij het opleidingsplan.

Download het opleidingsplan

Vervolg

De herziene opzet van het opleidingsplan heeft gevolgen voor regelgeving, praktijk en administratie. Denk aan: hoe zorgen we voor een goede overgangsregeling voor wie nu in opleiding is, hoe verwerken we de veranderingen voor de profielregistraties, wat betekent het voor de regelgeving en wanneer kan het plan redelijkerwijs van kracht worden? Daarvoor is een bestuurlijke commissie door de KAMG aangesteld. Zij brengen de precieze gevolgen in kaart en geven advies.

Daarnaast wordt de KAMG-registratie aangepast naar deskundigheidsgebieden. Hiervoor werken twee conciliumleden aan een plan van aanpak.

De KAMG legt het opleidingsplan in juni 2018 ter goedkeuring voor aan het College Geneeskundig Specialisten, samen met de uitgewerkte plannen ten aanzien van de differentiaties. Het streven is om vanaf 1 januari 2020 met het nieuwe plan te gaan werken.[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row]

Bureaucratie

KAMG waarschuwt voor bureaucratische trend jeugdzorg (Medisch Contact)

Minstens vier gemeenten hebben plannen om artsen zogenaamde ‘perspectiefplannen’ te laten opstellen waarin de voorgenomen zorg voor een kind eerst wordt vastgelegd voordat de zorg mag worden verleend. Dat stelt voorzitter Elise Buiting van KAMG (Koepel Artsen Maatschappij & Gezondheid) die vreest dat het werkelijke aantal gemeenten dat deze bureaucratische drempel invoert, hoger ligt.

Eind vorig jaar deed de Amsterdamse jeugdarts Jeanne-Marie Hament in een Medisch Contact-blog haar beklag over soortgelijke plannen van de gemeente Amsterdam. Amsterdam wilde dat artsen eerst een perspectiefplan opstelden, voordat een arts een kind kon verwijzen naar specialistische hulp. De Huisartsenkring Amsterdam/Almere verzette zich hiertegen vanwege de aantasting van het vrije verwijsrecht en het opwerpen van de extra bureaucratische horde.

Dat heeft ertoe geleid dat de gemeente Amsterdam die taak nu in ieder geval niet meer bij huisartsen neerlegt, maar jeugdartsen wel een dergelijk plan moeten maken. ‘We zijn ermee begonnen, maar het moet zich nog bewijzen in de praktijk’, aldus een woordvoerder van de GGD.

In haar voorzitterscolumn in Medisch Contact waarschuwt KAMG-voorzitter Buiting deze week voor deze nieuwe tendens binnen de jeugdzorg. Buiting stelt dat gemeenten via controle steeds meer grip proberen te krijgen op artsen die verwijzen naar jeugdzorg en jeugd-ggz. De controle op de zorg waar gemeenten verantwoordelijk zijn, botst soms met het ‘medisch denkkader’, aldus Buiting.

Lees het volledige artikel op www.medischcontact.nl

Goede voorbeelden gezonder leven

Reactie regeerakkoord

[vc_row][vc_column][vc_column_text]De KAMG vindt de aandacht voor preventie en gezondheidsbevordering in het regeerakkoord bemoedigend. Schoolverzuim, vechtscheidingen,  preventie van depressie, sportstimulering, onbedoelde zwangerschappen, rookgedrag, overgewicht, goed ouder worden en een gezonde leefomgeving zijn ook voor de KAMG belangrijke thema’s. We missen echter investeringen in kwetsbare groepen zoals ouderen in de thuissituatie, risicogezinnen en kinderen met psychosociale en psychiatrische problematiek. De verhoging van de BTW op groente en fruit is vanuit preventief oogpunt niet erg verstandig.

We juichen het voornemen om een nationaal preventieakkoord to stand te brengen toe. Tegelijkertijd vinden we het teleurstellend dat dit kabinet op andere terreinen kiest voor een fragmentarische aanpak. Bijvoorbeeld door het sluiten van aparte zorgakkoorden met de diverse sectoren binnen de zorg. Om een echte hervorming van de zorg tot stand te brengen is een innovatieve en integrale benadering nodig van de inrichting en financiering van de zorg. Het nieuwe kabinet laat hier belangrijke kansen liggen.

Meerdere ministers op een belangrijk departement als VWS kan ervoor zorgen dat alle belangrijke thema’s de aandacht krijgen die ze verdienen. De KAMG pleit ervoor om naast een minister voor cure en care, een minister voor Volksgezondheid of Maatschappij en Gezondheid te benoemen. Deze Minister kan wat ons betreft meteen aan de slag om nu eens echt werk te gaan maken van de broodnodige verschuiving van nazorg naar voorzorg.[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row]

Mensen op het terras

Sylvia van der Burg-Vermeulen: “Elke arts rondom de patiënt heeft zijn eigen aandeel” (KNMG)

[vc_row][vc_column][vc_column_text]“Op het moment dat een neuroloog of revalidatiearts weet wat een bedrijfsarts of verzekeringsarts doet, ontstaat er makkelijker samenwerking. Zo kom je tot betere zorg voor de patiënt.” Sylvia van der Burg over haar drijfveer om namens de sociaal geneeskundigen het nieuwe compacte KNMG-bestuur te versterken.

Sylvia van der Burg - Vermeulen“Het is natuurlijk een enorm cliché,” zegt Sylvia van der Burg lachend, “maar het is echt zo: samen zijn we sterker.” Vol enthousiasme is de verzekeringsarts begonnen aan haar rol als bestuurder-nieuwe-stijl. Ze vertegenwoordigt cluster 3; sociale geneeskunde. Ze noemt meteen een voorbeeld van een KNMG-beleidsprogramma waarin die onderlinge versterking volgens haar tot uiting komt: ‘Gezondheid voorop’. “Preventie van gezondheidsschade en het bevorderen van gezondheid bindt alle artsen in Nederland. Ik vind het belangrijk dat de KNMG namens alle artsen hierbij de maatschappelijke dialoog voert. Om zo bij te dragen aan optimale zorg.”

Makkelijker samenwerking

Van der Burg verwacht veel van de samenwerking met de andere twee clusters. “Als ik collega’s uit mijn werkveld vraag naar wat de KNMG doet, noemen ze vaak de richtlijn ‘Omgaan met medische gegevens’. Het medisch beroepsgeheim is het fundament van ons arts zijn. Er zijn vaak vragen over het beroepsgeheim en gegevensverstrekking en de richtlijn biedt dan houvast. Maar er zijn veel meer onderwerpen die ons allemaal aangaan. Recent hebben we bijvoorbeeld met alle artsenorganisaties binnen de KNMG een gezamenlijke visie ontwikkeld op de toekomst van de arbeidsgerichte medische zorg. Ik heb gezien dat op het moment dat een revalidatiearts of neuroloog weet wat een bedrijfsarts of verzekeringsarts doet, er makkelijker samenwerking ontstaat. Mensen zien: elke arts rondom de patiënt heeft zijn eigen aandeel en door elkaars expertise te kennen en met elkaar samen te werken krijgt de patiënt betere zorg. Voor mij was de totstandkoming van deze visie echt een mijlpaal. Ik hoop dat we er de komende jaren nog sterker van overtuigd raken dat het goed is dat we elkaar opzoeken.”

Meer samenhang

Van der Burg wil er tegelijker voor zorgen dat haar eigen achterban zichtbaarder wordt binnen het geheel. “Een kwart van alle artsen werkt in de sociale geneeskunde. Dat is dus best een grote groep, maar ook een heterogene. Ik wil zorgen voor meer samenhang, zodat we onszelf sterker kunnen laten horen. Bijkomend voordeel van het bundelen van onze krachten is dat we van elkaar kunnen leren.” Om deze ambities waar te maken, staat Van der Burg dan ook voortdurend in contact met haar achterban. “Ik vind het prettig om samen met andere mensen iets te bereiken. Ik wil zichtbaar zijn, benaderbaar. Met de besturen van de KAMG, NVAB en NVVG heb ik periodiek overleg voor afstemming. Tussendoor houden we elkaar op de hoogte via telefoon of mail.” Waar ze ook zeker werk van wil maken, is de plek van de sociale geneeskunde in het nieuwe raamplan voor de basisopleiding tot arts. “We roepen al jaren dat er in de opleiding te weinig aandacht is voor dit vak. Dat wil ik nu veranderen. Wat ik graag wil, is dat alle artsen waarde hechten aan wat de KNMG zegt. Maar ook dat de KNMG voor álle artsen van belang is.”[/vc_column_text][vc_column_text]Bron: www.knmg.nl[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row]

Beleid en advies

Herregistratie BIG – profielartsen B&A let op!

[vc_row][vc_column][vc_column_text]Op 1 januari 2018 geldt de periodieke herregistratie voor artsen. Voor RGS-geregistreerde geneeskundig specialisten, zoals arts M&G, gaat dit automatisch. Profielarts is echter geen wettelijk erkend specialisme. Daarom hebben KNMG, KAMG en het ministerie van VWS hierover praktische werkafspraken gemaakt. Bij de aanvraag voor herregistratie in het BIG-register kan een actueel bewijs van registratie in het profielregister KNMG worden bijgevoegd. Deze wordt geaccepteerd als voldoende ‘bewijs’ voor herregistratie in het BIG-register. In tegenstelling tot eerdere berichten, geldt dit toch NIET onverkort voor het profiel Beleid & Advies.

Eerder berichtten wij dat de KNMG voor de herregistratie in het profiel Beleid & Advies een nieuwe werkgeversverklaring zou hanteren, waarin de werkgever verklaart dat de verrichtte werkzaamheden op het terrein van de individuele gezondheidszorg hebben gelegen. Dit is echter niet gebeurd. Sinds augustus 2017 krijgen wij vanuit de KNMG signalen dat het CBIG (het BIG-register) de herregistratie van artsen met het profiel Beleid & Advies met extra aandacht zal behandelen en dat de RGS-profielregistratie bij nader inzien niet volstaat voor herregistratie BIG. Een aanvullende verklaring voor werkzaamheden op het gebied van de individuele gezondheidszorg wordt gevraagd.

Werkgeversverklaring

De KNMG is in overleg met het ministerie van VWS om nadere afspraken te maken over de manier waarop artsen uit het profiel Beleid & Advies kunnen aantonen dat zij voldoende uren (gemiddeld 8 uur per week) in de individuele gezondheidszorg (zie het beoordelingskader) hebben gewerkt. Zodra hierover meer duidelijkheid is, volgt nadere informatie op de website van de KNMG. Voor nu adviseren wij profielartsen Beleid & Advies een werkgeversverklaring te laten invullen en zorg te dragen voor een juiste functiebeschrijving. De werkgeversverklaring vind je op www.bigregister.nl. Je kunt deze ook direct downloaden (pdf).

Wanneer je hier vragen over hebt, kun je deze stellen via bureau@kamg.nl, dan sturen wij ze door naar KNMG en VWS voor de meest actuele informatie. Je kunt ook terecht bij je eigen vereniging: NVAG of VAGZ.[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row]

Nieuwe accreditatieregelgeving en ODB-werkwijze per 1 april

[vc_row][vc_column][vc_column_text]

Per 1 juli 2018 is de regeling aangepast. Kijk voor de actuele informatie bij Arts M&G blijven (herregistratie).


Per 1 april 2017 invoering van nieuwe accreditatieregelgeving en werkwijze voor overige deskundigheidsbevordering (ODB) voor de KAMG en NVVG

Nieuwe accreditatieregelgeving voor ODB

De KAMG, NVVG en Registratiecommissie Geneeskundig Specialisten (RGS) werkten afgelopen jaar gezamenlijk aan de inpassing van de bekende ODB-tabel voor sociaalgeneeskundigen in het nieuwe herregistratiebesluit specialisten.

Lees de nieuwe accreditatieregelgeving voor ‘overige deskundigheidsbevordering’ voor artsen Maatschappij & Gezondheid en profielartsen.

Nieuwe werkwijze: zelfaccreditatie van ODB via GAIA

Het doel van de nieuwe werkwijze is zelfaccreditatie van overige deskundigheidsbevordering (ODB) via GAIA. Hierdoor kan de accreditatie van ODB administratief worden afgehandeld en is beoordeling door een medisch secretaris van de RGS niet meer nodig. De nieuwe werkwijze bestaat eruit dat artsen er zelf verantwoordelijk voor zijn om ODB-activiteiten in te voeren in GAIA. Vanaf 1 april 2017 is het GAIA-systeem zo ingericht dat dit mogelijk is.

Let op! ODB-activiteiten van na 1 april 2017 die niet zijn ingevoerd in GAIA, worden door de RGS niet meegerekend bij de herregistratie.

Pilotperiode van 1 april tot 30 september

De nieuwe accreditatieregelgeving en werkwijze worden gedurende 6 maanden in een pilot uitgetest. In september 2017 wordt de pilot geëvalueerd. Afhankelijk van de evaluatie van de pilot kunnen de nieuwe regelgeving en werkwijze desgewenst nog iets worden aangepast. Bij een positieve evaluatie worden de nieuwe regelgeving en werkwijze per 1 januari 2018 omgezet in regulier beleid. Met deze nieuwe regelgeving en werkwijze harmoniseren de KAMG en NVVG met de overige geneeskundige specialismen: de huisartsen, specialisten ouderengeneeskunde, artsen voor verstandelijk gehandicapten en de medisch specialisten.

Per 1 april 2017 invoering van lijstverbindingen tussen KAMG, NVAB en NNVG voor geaccrediteerde nascholing

De KAMG, NVAB en NVVG hebben besloten om “lijstverbindingen” aan te gaan. Dit houdt in dat geaccrediteerde bij- en nascholing, gevolgd in een ander sociaal geneeskundig specialisme, per definitie relevant wordt geacht voor alle sociaal geneeskundigen en dus voor het eigen specialisme meetelt.

Voor vragen of overleg kun je contact opnemen met:

  • het Accreditatie Bureau Sociale Geneeskunde (ABSG) via mail of  telefoonnummer 030-6868773.
  • de KNMG Registratiecommissie Geneeskundig Specialisten (RGS) – Michiel Wesseling, secretaris Accreditatie Overleg, telefoonnummer: 030 2823272.

Lees hierover ook op de KNMG website[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row]

Basisarts moet bijscholen voor herregistratie

[vc_row][vc_column][vc_column_text]

Voor basisartsen die vanwege te weinig werkervaring niet voor herregistratie in aanmerking dreigen te komen, is een scholingsprogramma ontwikkeld door VUmc en de NFU.

Sinds 1 januari 2012 moet iedere arts zich na een termijn van vijf jaar herregistreren in het BIG-register. Dat gebeurt onder meer op basis van het aantal gewerkte uren in de individuele gezondheidszorg. In vijf jaar tijd moet dat 2080 uur zijn: gemiddeld 8 uur per week. Omdat basisartsen zich niet genoeg konden voorbereiden op de herregistratie en er nog geen bijscholing gereed was om zonder die werkervaring tóch te kunnen herregistreren, werd het eerste herregistratiemoment uitgesteld van 1 januari 2017 naar 1 januari 2018. Inmiddels is in het zogeheten beoordelingskader voor artsen uitgewerkt welke werkervaring meetelt.

Basisartsen die per 1 januari 2018 willen herregistreren, kunnen zich tot 28 februari inschrijven voor het scholingsprogramma van VUmc en NFU. Het programma bestaat uit drie modules over basiskennis, klinisch redeneren en klinische vaardigheden, die bestaan uit zelfstudie en een toets. Voor het programma staat tien maanden en de drie modules samen kosten 2215 euro.

Meer informatie op de website van de KNMG

Bron: Medisch Contact – 18 januari 2017[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row][vc_row][vc_column][vc_btn title=”Lees meer in het dossier ‘Herregistratie'” size=”lg” align=”left” link=”url:%2Fdossiers%2Fherregistratie%2F|||”][/vc_column][/vc_row]

Volg de buzz op het KAMG Congres!

[vc_row][vc_column][vc_column_text]Plenaire sessies kunnen soms nogal informatief van aard zijn. Hoe anders is dat op het KAMG Congres!  Dan kun je namelijk actief meedoen aan het programma met de buzzmaster. Je kunt live reageren op vragen en stellingen. De groepsresultaten komen op het grote scherm. Ook kun je direct vragen stellen aan een spreker tijdens de presentatie. Het enige dat je nodig hebt, is een opgeladen smartphone of tablet. De rest hoor je bij registratie op de dag van het congres. [/vc_column_text][vc_column_text]

Benieuwd naar Buzzmaster? Bekijk het filmpje

[/vc_column_text][vc_video link=”https://www.youtube.com/watch?v=cTDEo9C3Fr4″][vc_row_inner][vc_column_inner width=”1/2″][vc_column_text]De buzzmaster op het KAMG Congres wordt mede mogelijk gemaakt dankzij NSPOH.[/vc_column_text][/vc_column_inner][vc_column_inner width=”1/2″][vc_single_image image=”7692″ img_size=”medium”][/vc_column_inner][/vc_row_inner][/vc_column][/vc_row][vc_row][vc_column][vc_single_image image=”7614″ img_size=”full” onclick=”custom_link” link=”http://www.kamg.nl/congres/”][/vc_column][/vc_row]