Denk en praat mee over update KNMG-gedragsregels

Nieuwe thema’s in de zorg, andere wetten en regelgeving en een veranderende rol van de arts: de KNMG zoekt deelnemers voor een focusgroep over een update van haar gedragsregels. De KNMG-gedragsregels vormen de ruggengraat voor het professionele handelen van artsen en vormen de basis voor juridisch-ethische richtlijnen, handreikingen en standaarden van de beroepsgroep.

De KNMG vindt het belangrijk om artsen direct te betrekken bij deze update en organiseert op woensdagavond 28 augustus en woensdagavond 4 september bijeenkomsten om artsen over de update mee te laten denken.

Lees meer op www.knmg.nl.

Wijzigingen tuchtrecht per 1 april 2019

KNMG zet wijzigingen tuchtrecht op een rij

Per 1 april 2019 zijn een aantal wijzigingen in het tuchtrecht van kracht. Zo worden vanaf vandaag berispingen en boetes alleen gepubliceerd wanneer de tuchtrechter daartoe besluit. Andere belangrijke veranderingen zijn snellere afhandeling van eenvoudige klachten door een voorzittersbeslissing en de introductie van een tuchtklachtfunctionaris voor de klager. KNMG zette de belangrijkste veranderingen overzichtelijk op een rij.

Bekijk het originele bericht van de KNMG

Berispingen en boetes niet meer standaard gepubliceerd

De KNMG bepleitte eerder dat berispingen en boetes niet meer standaard openbaar moeten worden gemaakt. Dit leidde tot een amendement van de Tweede Kamer waardoor berispingen en boetes straks alleen nog openbaar worden als de tuchtrechter dat nodig vindt in het belang van de individuele gezondheidszorg.

Voorzittersbeslissing

Voorzitters van de tuchtcolleges krijgen de mogelijkheid om klachten waarvan onmiddellijk duidelijk is dat zij eenvoudig kunnen worden afgehandeld, zelf af te doen. Dit kan de duur van de procedure verkorten.

Tuchtklachtfunctionaris voor klager

Nieuw is ook de tuchtklachtfunctionaris die de klager kan inschakelen. Een tuchtklachtfunctionaris kan de klager aangeven of de klacht tegen de juiste persoon is gericht, adviseren of tuchtrecht de aangewezen route is voor een klacht en helpen bij het formuleren van het klaagschrift. De verwachting is dat hiermee de kwaliteit van de procedure wordt verbeterd.

Wijzigen van de klacht

De klager krijgt de bevoegdheid om zijn klacht tot uiterlijk twee weken voor de behandeling van de zaak op de terechtzitting schriftelijk te wijzigen of aan te vullen (artikel 65c Wet BIG).

Introductie griffierecht en veroordeling in kosten

Vanaf 1 april wordt een griffierecht van € 50,- geheven, te betalen door de klager. Als de klacht gegrond wordt verklaard, krijgt de klager het griffierecht terug. Daarnaast krijgt het tuchtcollege de mogelijkheid om de aangeklaagde te veroordelen in de kosten die de klager heeft moeten maken, bijvoorbeeld voor een advocaat. Dit kan alleen als een klacht geheel of gedeeltelijk gegrond is verklaard.

Tuchtrechtelijk beroepsverbod en Last tot Onmiddellijke Onthouding van de Beroepsuitoefening (LOB)

Ook kan nu de tuchtrechter een beroepsverbod opleggen als de veiligheid dat vereist, waardoor de betrokkene niet meer (volledig) in de individuele gezondheidszorg mag werken en kan de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd een zorgverlener vanwege ernstig gedrag direct op non-actief stellen in afwachting van het oordeel van de tuchtrechter.

Tweede tuchtnorm

Handelingen in de privésfeer en het organisatorisch handelen van een arts-bestuurder  vallen nu (in bepaalde gevallen) officieel onder het tuchtrecht (Tweede tuchtnorm).  Door een wijziging van de tweede tuchtnorm wordt de ruimere interpretatie die de oude norm al in de jurisprudentie had gekregen, vastgelegd in de wet.

Een uitgebreidere beschrijving van de wijzigingen vindt u in het webdossier tuchtrecht.

Bekijk het originele bericht van de KNMG

Aangifte tegen de tabaksindustrie: wie en wat?

[vc_row][vc_column][vc_column_text]In februari 2018 sloot KAMG zich, samen met de bedrijfsartsen (NVAB) en verzekeringsartsen (NVVG) aan bij de aangifte tegen de tabaksindustrie. KWF Kankerbestrijding maakte een overzicht van alle partijen die zijn aangesloten bij de aangifte tegen de tabaksindustrie. Mede namens de KAMG eisen klagers vervolging van de vier grootste tabaksproducenten die in Nederland actief zijn. Kort samengevat komt onze klacht erop neer dat:

  • roken levensgevaarlijk is;
  • het roken van sigaretten extreem verslavend is;
  • de filterventilatie in sigaretten de voorgeschreven iso-tests negatief beïnvloedt met als gevolg compensatiegedrag van de roker;
  • de roker daardoor aan veel hogere waarden teer, nicotine en koolmonoxide wordt blootgesteld dan wettelijk maximaal toegestaan;
  • sigaretten “deadly by design” zijn. De tabaksproducenten ontwerpen of manipuleren sigaretten doelbewust op een zodanige wijze dat verslaving aan het tabaksproduct wordt bewerkstelligd, versneld en onderhouden, door toevoeging van additieven die verslaving bevorderen.

Klagers stellen daarom dat onder die omstandigheden het produceren en op de markt aanbieden van sigaretten per definitie strafbare feiten oplevert. Artsen M&G zien elke dag de schade die roken op ongekende schaal aanricht aan de volksgezondheid en dat er door het verslavende karakter geen sprake is van een vrije keuze door de rokers. Sinds de sigaret tijdens de eerste wereldoorlog populair werd, is er – zacht uitgedrukt – voortschrijdend inzicht over de gevaren ervan voor de volksgezondheid. Dat het slecht voor je is, dat is wel algemeen bekend. De daadwerkelijke gevaren worden echter ernstig onderschat. Bovendien zijn sigaretten in de loop van de tijd steeds schadelijker geworden door de toevoeging van (nog verslavender) additieven en de doorontwikkeling van filterventilatie. Gek genoeg heeft dit nog nauwelijks gevolgen voor de verkrijgbaarheid van tabaksproducten.

Geen vervolging

Eind februari 2018 gaf het Openbaar Ministerie (OM) aan niet tot vervolging over te gaan, op basis van verschillende juridisch-inhoudelijke argumenten. Doorslaggevend voor het OM was dat ‘het ieders eigen verantwoordelijkheid is om te roken of niet’. Het OM merkte wel op dat buiten kijf staat dat roken nadelig is voor de gezondheid, ernstige gezondheidsrisico’s met zich meebrengt en tot zeer ernstige ziekten en zelfs de dood kan leiden. Ook toonde zij begrip voor de maatschappelijke discussie rond dit thema.

Artikel 12-procedure

Daarom startte mr. Benedicte Ficq, op verzoek van de klagers, een ‘artikel 12-procedure’ (Wetboek van Strafvordering). Daarmee hopen we dat het Hof het Openbaar Ministerie (OM) de opdracht geeft alsnog tot vervolging over te gaan. Het OM houdt zich – in haar verweer op de artikel 12-procedure – strikt aan de juridisch-inhoudelijke aspecten waarbij zij betoogt dat Strafvordering niet van toepassing is. Complexe materie die zich vooral toespitst op de ontvankelijkheid van de direct belanghebbenden – waaronder de NVAB – in relatie tot het strafrecht.

Vertrek voorzitter zittingscombinatie

Eind september eisten Ficq en haar collega’s het vertrek van voorzitter van de zittingscombinatie van het hof, Jan Wolter Wabeke, omdat hij partijdig zou zijn. Wabeke zou namelijk tijdens een privé etentje hebben gezegd dat ‘roken ieders eigen verantwoordelijkheid is’. Precies het argument waarmee het Openbaar Ministerie in februari weigerde tot vervolging over te gaan. Wabeke gaf gehoor aan deze eis en stapte 25 september jl. op. Om de nieuwe voorzitter, mevrouw Mos-Verstraten, de gelegenheid te geven zich goed in te lezen, vroeg Ficq om uitstel. Dit voorstel werd echter niet gehonoreerd en de besloten zitting ging op 26 september zoals gepland door. Maximaal acht weken na deze zitting doet het hof uitspraak over eventuele strafvervolging.

Bron: www.nvab-online.nl[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row]

Ministers op de bres voor forensische geneeskunde

[vc_row][vc_column][vc_column_text]De Ministers van Justitie en Veiligheid, Volksgezondheid, Welzijn en Sport en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties zetten maatregelen in werking om de forensische geneeskunde te versterken. Het gaat dan om zowel de opleiding als het verbeteren van de keten van lijkschouw tot gerechtelijke sectie. Door gezamenlijk op te trekken willen de verschillende departementen de maatregelen extra kracht geven.

Forensisch medische expertise speelt een belangrijke rol bij het voorkomen en aanpakken van misdrijven. Het gaat dan om het signaleren, duiden en rapporteren van letsel, bijvoorbeeld in het kader van kindermishandeling en huiselijk geweld. Al langere tijd bestaan er echter zorgen over de kwaliteit van de forensische geneeskunde en het aantal opgeleide artsen in dit vakgebied. Dit specialisme opereert op het snijvlak van de geneeskunde en justitiële wereld. Deze zorgen worden versterkt omdat de keten van lijkschouw en gerechtelijke sectie ook niet optimaal functioneert. Dit blijkt uit het rapport’Forensische Geneeskunde Ontleed’ van de Gezondheidsraad uit 2013. Daarin pleitte de Gezondheidsraad al voor verbetering van de organisatie en kwaliteit van de forensische geneeskunde in Nederland.

Maatregelen

Goed forensisch medisch onderzoek en een goede keten van lijkschouw en gerechtelijke sectie zijn van groot maatschappelijk belang. Daarvoor is het noodzakelijk dat de organisatie van de forensische geneeskunde en de werking van de keten van lijkschouw en gerechtelijke sectie worden verbeterd. In bijgaande beleidsbrief aan de Tweede Kamer leest u op welke maatregelen het kabinet inzet.

Opleiding tot forensisch geneeskundige

Eén van de genoemde maatregelen is het vormgegeven van de opleiding tot forensisch geneeskundige binnen de opleiding Arts Maatschappij en Gezondheid waarmee het predikaat medisch specialist Arts M&G verleend kan worden aan de forensisch artsen.

Voor een compleet overzicht van alle voorgestelde maatregelen, zie de beleidsbrief ‘Toekomst forensische geneeskunde’.[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row]

Beleid en advies

De Vereniging Artsen Volksgezondheid is een feit!

[vc_row][vc_column][vc_column_text]De oprichting van de nieuwe vereniging is een feit, en daarmee zijn meteen ook de “oude” verenigingen NVAG, VAGZ en VIA ontbonden. Alle leden van de oude verenigingen zijn per direct lid geworden van de Vereniging Artsen Volksgezondheid. Op 9 mei jl is de eerste, feestelijke algemene ledenvergadering van de Vereniging Artsen Volksgezondheid gehouden. Daar is het bestuur geïnstalleerd en is de voorzitter gekozen. De statuten, de aanzet tot het huishoudelijk reglement en het financieel plan zijn de revue gepasseerd.

De Vereniging staat voor het op wetenschappelijke wijze bestuderen van de volksgezondheid en de gezondheidszorg, waarbij bewaken, beschermen en bevorderen ons uitgangspunt vormt. De Vereniging wil alle mogelijkheden benutten om de volksgezondheid te optimaliseren en zal de professionele kwaliteit bewaken en bevorderen, gevraagd en ongevraagd, door onderzoek, sturing, beleidsontwikkeling en advisering.

Ook zorgt de Vereniging voor een toereikende instroom van voldoende toegeruste artsen, die zorgvuldig gepositioneerd worden. Het bestuur vindt het cruciaal dat het woord en het initiatief aan de leden van de VAV is. Het bestuur ziet voor zichzelf vooral de rol om de leden van de Vereniging in het realiseren van de doelen te ondersteunen. Ook wil de nieuwe Vereniging andere verenigingen binnen de KAMG ondersteunen op het gebied van beleidsontwikkeling, management, sturing en advisering: de expertisegebieden van de VAV.

De Vereniging Artsen Volksgezondheid laat een nieuw logo en een nieuwe website ontwikkelen en er komt zes keer per jaar een Nieuwsbrief. Omdat het maken van een nieuwe website tijd kost, gaan we nu nog door met de websites van VAGZ, VIA en NVAG. Voorlopig bevatten de oude websites gezamenlijk het nieuws, het rooster van nascholingen en andere relevante berichten. Als u het niet op de ene site kunt vinden, zoek dan in de andere sites:

nvag.nl
vagz.nl
vianieuws.nl

Contactgegevens

Het email-adres van de Vereniging Artsen Volksgezondheid is: secretariaat@vavolksgezondheid.nl

Het bureau van de vereniging is gevestigd op Churchilllaan 11, 7eetage, 3527 GV Utrecht, tel +31 85 4894980[/vc_column_text][vc_column_text]

Bestuur Vereniging Artsen Volksgezondheid

[/vc_column_text][vc_single_image image=”9514″ img_size=”full” alignment=”center”][vc_column_text]v.l.n.r.: Lode Wigersma, Jetske Köhne, Saskia van de Merwe, Wim van Geffen, Jeannette De Boer, Frans Philipszoon[/vc_column_text][vc_column_text]

Bestuursleden en hun taken

  • Saskia van de Merwe: interne organisatie (bureau, commissies, werkgroepen)
  • Frans Philipszoon: penningmeester
  • Jetske Köhne: onderwijs & opleiding / nascholing
  • Jeannette de Boer: strategie en beleid / onderwijs & opleiding.
  • Wim van Geffen: strategie en beleid / afgebakende projecten
  • Marc Heus: secretaris (uitvoering samen met Saskia van de Merwe) / Public Relations
  • Lode Wigersma: voorzitter / strategie en beleid / agendasetting bestuursvergaderingen samen met secretaris / afgevaardigde in KAMG bestuur

[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row]

Samen sterker

Fusie tussen NVAG, VAGZ en VIA

[vc_row][vc_column][vc_column_text]De algemene ledenvergaderingen van de VAGZ, de NVAG en de VIA zijn akkoord gegaan met de fusie van hun verenigingen, leidend tot één nieuw op te richten vereniging. De bestuurlijke en organisatorische fusie zal in april / mei 2018 zijn beslag krijgen.

Er is een groot aantal redenen om te fuseren en onze leden bij elkaar te brengen in één vereniging:

  • Onze gemeenschappelijke belangen zijn groter en belangrijker dan onze verschillen.
  • Door de huidige versnippering is onze beroepsgroep onzichtbaar en onbegrepen. Samengaan maakt ons strategisch en inhoudelijk sterker.
  • We worden zichtbaarder en weerbaarder ten opzichte van externe partijen.
  • Het bijeenbrengen van verschillende beroepsgroepen in één vereniging werkt inspirerend.
  • De organisatie en logistiek worden efficiënter en leggen minder druk op vrijwilligers.
  • We integreren onze gezamenlijke bijdrage aan het nieuwe opleidingsplan en de nascholing.

We creëren, kortom, meerwaarde voor onze leden.

Beroepsspecifieke netwerken, werkgroepen e.d. die nu in de drie verenigingen aanwezig zijn, kunnen binnen de nieuwe fusievereniging blijven bestaan, of naar behoefte nieuw gevormd worden. We vinden het heel belangrijk dat leden zich blijven herkennen in, en aansluiten bij de nieuwe vereniging. Bestuur, financiën, ledenadministratie, commissies voor PR, opleiding en nascholing, secretariële en administratieve taken, de organisatie van de nascholingen, de website en de nieuwsbrief worden centraal georganiseerd. Het eerste bestuur van de nieuwe vereniging zal bestaan uit twee leden vanuit elke constituerende vereniging. De voorzitter wordt separaat benoemd.

De besturen van NVAG, VIA en VAGZ zijn verheugd over deze belangrijke stap en zien de toekomst van de nieuwe vereniging met vertrouwen en plezier tegemoet.[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row]

Van links naar rechts: Sylvia van der Burg-Vermeulen (cluster 3), Christiaan Keijzer (cluster 2), Carin Littooij (cluster 1), René Héman (voorzitter KNMG

KNMG federatiebestuur – nieuwe stijl

[vc_row][vc_column][vc_column_text]Het federatiebestuur van de KNMG bestaat sinds 1 september 2017 uit vier bestuurders die samen de federatiepartners van de KNMG vertegenwoordigen op clusterniveau. De acht federatiepartners zijn daarmee niet langer per vereniging lid van het bestuur van de KNMG, maar hebben hun mandaat gegeven aan een kleiner bestuur.

‘Dat de Algemene Vergadering deze omvorming heeft bekrachtigd, is een heel mooi teken van onderling vertrouwen’, zegt voorzitter René Héman. ‘Dit maakt ons compact, een voorwaarde om krachtige standpunten, beleid en handvatten te ontwikkelen voor de brede artsenachterban op immateriële thema’s.’

Naast KNMG-voorzitter René Héman bestaat het bestuur uit:

  • Carin Littooij, vertegenwoordiger van cluster 1 (huisarts- en ouderengeneeskunde en geneeskunde voor verstandelijk gehandicapten),
  • Christiaan Keijzer, vertegenwoordiger van cluster 2 (medisch specialistische geneeskunde), en
  • Sylvia van der Burg-Vermeulen, vertegenwoordiger van cluster 3 (sociale geneeskunde).

De voorzitters van de acht federatiepartners, die tot nu toe het bestuur vormden, vormen vanaf nu de leden van de Algemene Vergadering. De inbreng van individuele artsen wordt gewaarborgd via onder meer een in oprichting zijnd platform waar ook de districten in zijn vertegenwoordigd. Héman: ‘Want naast een slagvaardig bestuur met draagvlak is voeding vanuit de achterban voor een landelijke belangenbehartiger als de KNMG van levensbelang. Niet alleen horen we zo goed wat er speelt, het geeft ook ruimte voor discussie en aanscherping. Zodat we terecht een organisatie met impact zijn in bijvoorbeeld ethische en politieke kwesties die artsen raken.’

Download de pdf[/vc_column_text][vc_column_text]Bron: www.knmg.nl[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row]

Advies.chat: eerste online soa-testwijzer (Soa Aids Nederland)

[vc_row][vc_column][vc_column_text]Dinsdag 18 april 2017 introduceerden Soa Aids Nederland en Aidsfonds Advies.chat. De eerste online soa-testwijzer waarmee je 24/7 anoniem en betrouwbaar advies krijgt over soa-tests. Met deze nieuwe applicatie ontdek je snel en eenvoudig of je risico loopt op een soa en hoe je die het beste kunt laten testen.

Ook verwijst Advies.chat, naast GGD en huisarts, naar betrouwbare soa-zelftest aanbieders. Dé oplossing voor iedereen die drempels ervaart om zich te laten testen op soa’s als chlamydia en hiv, bijvoorbeeld door schaamte, kosten of angst voor de uitslag. Zo heb je direct toegang tot advies op maat, kijkt niemand mee als je vragen beantwoordt over je seksleven én kun je voorkomen dat je klachten krijgt

In Nederland leven zo’n 25.000 mensen met hiv. Ruim 10% van hen is niet op de hoogte van de eigen hiv-status omdat hier niet op is getest. Ook met andere soa lopen mensen regelmatig te lang door. Vrouwen kunnen bijvoorbeeld door chlamydia of gonorroe klachten krijgen als chronische buikpijn, onvruchtbaarheid en vroeggeboorte. Mannen kunnen een bijbalontsteking krijgen of tijdelijke verminderde vruchtbaarheid.

‘Elke drempel voor het testen op soa is schadelijk voor de volksgezondheid. Met Advies.chat heeft nu iedereen in Nederland direct toegang tot betrouwbaar soa-testadvies’, vertelt Hanna Bos, arts infectieziektebestrijding van Soa Aids Nederland. ‘Vroege opsporing en behandeling van hiv en andere soa maakt de kans dat je klachten krijgt stukken kleiner én voorkomt dat je soa doorgeeft aan een ander.’

Toenemend gebruik soa-zelftests

Er zijn allerlei redenen waarom mensen zich niet laten testen, bijvoorbeeld door angst voor de uitslag, ongemak bij de huisarts, bezuinigingen waardoor minder mensen terecht kunnen bij de GGD of simpelweg door de kosten die met een soa-test gemoeid zijn. Hoog-risicogroepen die wel mogen testen bij de GGD hebben soms te maken met lange wachttijden voor ze terecht kunnen.
‘Voor het testen op soa’s adviseren wij altijd om naar je huisarts of GDD te gaan, maar niet iedereen wil of kan daar naartoe. We zien dat steeds meer mensen gebruik maken van soa-zelftests, helaas is een groot deel van dit aanbod totaal onbetrouwbaar. Advies.chat gidst je online naar een aanbod van soa-zelftests waar je wel van op aan kunt’, besluit Hanna Bos. ‘Als mensen dan toch kiezen voor een soa-zelftest wordt dit ondersteunend aan het werk van professionals in de soa-zorg in plaats van ondermijnend. Zo kunnen we de verspreiding en de gevolgen van hiv en andere soa met elkaar beter tegen gaan.’

Advies.chat is financieel mogelijk gemaakt door een bijdrage van de Vriendenloterij.

Bron: www.soaaids.nl[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row][vc_row][vc_column][/vc_column][/vc_row]

Jeugdartsen zien focus op preventie vervagen

Gemeenten maken na de transitie veel te weinig gebruik van de kennis en kunde van jeugdartsen die kinderen vanuit de jeugdgezondheidszorg al vanaf hun geboorte volgen. Dat blijkt uit een enquête die beroepsorganisatie AJN Jeugdartsen Nederland eind 2015 uitzette onder haar leden, om ervaringen te verzamelen rondom de transitie jeugdzorg.

De informatie – afkomstig uit 193 enquêtes met antwoorden vanuit 128 unieke gemeenten verspreid over het land – schetst een beeld van de zorg voor jeugd waarbij de focus op preventie minimaal is.

Door bezuinigingen is regelmatig contact met gezinnen en kinderen/jongeren niet altijd meer mogelijk.

Preventie slecht zichtbaar
Jeugdartsen ervaren dat er voor advies en ondersteuning die de jeugdarts/jeugdgezondheidszorg (JGZ) ook goed kan bieden te snel wordt doorverwezen naar het wijkteam. Of dat het wijkteam doorverwijst, terwijl de JGZ zorg kan bieden. De focus op preventie dreigt daarmee verloren te gaan. Ook nog eens omdat het JGZ-aanbod versoberd is, zo geven de respondenten aan. “Door bezuinigingen op de jeugdgezondheidszorg is regelmatig contact met gezinnen en kinderen/jongeren niet altijd meer mogelijk. Juist preventie behoeft aandacht, ook in het kader van de transformatie. Hier valt nog veel te winnen!”, vat AJN-voorzitter Mascha Kamphuis het kort samen.

Lees het hele bericht op www.ajnjeugdartsen.nl