Hoe ziet een kwalitief goede opleiding tot o.a. arts M+G eruit?

Hoe ziet een kwalitatief goede opleiding tot sociaal geneeskundige (artsen maatschappij + gezondheid, verzekeringsartsen en bedrijfsartsen) eruit? En hoe zorg je dat die kwaliteit hoog blijft en verder verbetert?

KOERS en Kwaliteitskader

Om deze vragen te beantwoorden, ontwikkelde de KAMG samen met de andere sociaal geneeskundige beroepsverenigingen verenigingen (NVAB en NVVG) een kwaliteitsvisie en kwaliteitssysteem. Deze zijn verwoord in KOERS en het bijbehorende Kwaliteitskader. Het gaat om een intern cyclisch kwaliteitssysteem waarmee de sociale geneeskunde zelf de kwaliteit van de opleidingen systematisch toetst en borgt. Op 29 oktober en 12 november 2020 organiseerde de RGS, in samenwerking met de sociaal geneeskundige wetenschappelijke verenigingen, een informatiebijeenkomst over de nieuwe wijze van toezicht en de rol van de interne kwaliteitscyclus daarin. De presentaties van deze bijeenkomst staan hier.

KOERS 2020

In het najaar van 2020 is KOERS geactualiseerd en geaccordeerd door de drie betrokken wetenschappelijke verenigingen. Het vernieuwde Kwaliteitskader (de ‘toolbox’ voor het meten van de kwaliteit van de opleidingen) wordt in 2021 verwacht.


Download KOERS 2020

Om de uitvoering van de kwaliteitscyclus door het veld te ondersteunen, zijn er twee formats beschikbaar voor de rapportage over de uitkomsten van de kwaliteitscyclus, zowel voor de opleidingsinstelling als voor het opleidingsinstituut.

Landelijk professionaliseringsplan voor praktijkopleiders sociale geneeskunde

In het Landelijk professionaliseringsplan voor praktijkopleiders (LPP) zijn bovenstaande uitgangspunten vertaald naar de opleiding voor praktijkopleiders. Het LPP is door de besturen van KAMG, NVVG en NVAB vastgesteld en per 1 januari 2018 in werking getreden.

Het LPP kent een basisscholing en een vervolgtraject. De basisscholing is voor nieuwe opleiders die (nog) geen erkenning hebben en bestaat uit 5 modules die in 6 dagen gedurende 1,5 jaar worden gevolgd.

  • Startmodule van 2 dagen: competentiegericht opleiden algemeen en leren begeleiden op de werkplek
  • 1-daagse module: competentiegericht begeleiden deel 1
  • 1-daagse module: feedback, toetsen en beoordelen
  • 1-daagse module: competentiegericht begeleiden deel 2
  • 1-daagse module: organiseren, samenwerken, professionaliteit.

Naast het cursorisch onderwijs voert de praktijkopleider-i.o. een viertal praktijkopdrachten uit en doet zo ervaring op met het begeleiden van een of meerdere aios. Hierin wordt hij/zij begeleid door een senior praktijkopleider, de zgn. buddy.

Aan het eind van het scholingstraject geeft het opleidingsinstituut, mede op basis van input van de buddy, een eindverklaring af, t.b.v. de definitieve erkenning door de RGS.
Lees meer over de procedure in dit document.

Reeds erkende praktijkopleiders behouden hun erkenning en hoeven de basisscholing niet nog eens te doorlopen.

Het vervolgtraject is bedoeld voor alle opleiders (dus inclusief de erkende) en bestaat uit jaarlijks 2 contactdagen, deelname aan intervisie voor opleiders en aantoonbare deelname aan activiteiten op het gebied van ontwikkeling/kwaliteitsborging van de opleiding.

Alle beschreven scholing is geaccrediteerd en telt mee voor de herregistratie als specialist.

De rol van de KAMG in KOERS/Kwaliteitskader

In de uitvoering van KOERS zijn er twee cycli:

  1. Een kleine, lokale tweejaarlijkse cyclus, waarin de opleidingsinstellingen (hoofdopleider, praktijkopleider, management, aios) de zelfevaluatie uitvoeren, een kwaliteitsrapportage opstellen, inclusief een verbeterplan.
  2. Een grote, landelijke cyclus, waarin iedere vijf jaar door de wetenschappelijke vereniging/KAMG, in samenwerking met de instituten en instellingen per specialisme een thematische bijeenkomst wordt georganiseerd. Overkoepelende verbeterthema’s (die uit meerdere kwaliteitsrapportages naar voren komen) alsmede de samenhang tussen praktijkopleiding en instituutsonderwijs staan op de agenda.

De wetenschappelijke vereniging heeft naar aanleiding van de interne kwaliteitscycli wel een toezichthoudende, bewakende rol. De instellingen sturen hun 2-jaarlijkse kwaliteitsrapportage op naar de KAMG én de RGS.