/Artsopleiding moet ingrijpend veranderen (Medisch Contact)

Artsopleiding moet ingrijpend veranderen (Medisch Contact)

23 februari 2018

Het Raamplan Artsopleiding 2019 is in voorbereiding. Dat horen we tenminste al een tijdje, maar de verantwoordelijke instantie (NFU) zwijgt over de precieze toedracht, de procedure en de betrokkenen bij de opstelling van het Raamplan. Dit ondanks herhaalde vragen aan het adres van de NFU.

Dat vraagt om aansporing. Het huidige curriculum van de basisartsopleiding aan de acht medische faculteiten is nogal traditioneel opgebouwd in blokken die het (dis)functioneren van een orgaansysteem behandelen. Hoofdzakelijk ziekte- en curegericht dus. Voor volksgezondheid, preventie, integrale benadering van multimorbiditeit, en alledaagse veelvoorkomende ziekten is in het programma slechts marginaal ruimte, in aparte blokken. Die zijn meestal niet geïntegreerd met het overige onderwijs; veel studenten vinden ze daarom minder of niet interessant.

De wereld is echter ingrijpend veranderd. Het curriculum reflecteert niet de realiteit in de bevolking en bereidt studenten dus niet goed voor op de zorgpraktijk waarin zij over een jaar of vijf, tien terechtkomen. Die toekomst wordt onder meer scherp geformuleerd in de beide rapporten van de VWS Adviescommissie Innovatie Zorgberoepen en Opleidingen, die terecht veel nadruk leggen op ‘voorzorg’ (preventie, anticipering, vroege signalering van ziekten), gemeenschapszorg en integrale benadering van (dreigende) multimorbiditeit, en minder op (super)specialistische zorg. Ook de Nationale Wetenschapsagenda uit 2015 wijst overtuigend in dezelfde richting.

De Gezondheidsraad heeft in haar rapport ‘Zorg waarvan je beter wordt’ (2016) de vinger gelegd op forse tekortkomingen in het onderwijs en onderzoek in de umc’s, met name waar het gaat om veelvoorkomende aandoeningen, alledaagse ziekten en veroudering. Voormalig minister Schippers heeft in september 2016 in een interview in Medisch Contact duidelijk gemaakt dat we de komende tien jaar veel meer de kant van preventie en voorzorg op moeten.

Nu het nieuwe raamplan voor de artsopleiding samengesteld wordt, is er een uitgelezen kans om hier verandering in te brengen. Het curriculum zou moeten worden omgevormd van een hoofdzakelijk ziekte- en curegericht programma tot een evenwichtig programma waarin volksgezondheid, (preventie van) gezondheidsrisico’s, en de integrale aanpak van (dreigende) multimorbiditeit, logisch worden verbonden met het meer ziektegerichte onderwijs. Integratie is daarbij het sleutelbegrip. Als voorbeeld: het uitsluitend onderwijzen van COPD als een ziekte-entiteit, zoals dat nu veelal gebeurt, gaat voorbij aan de maatschappelijke oorzaken (roken, fijnstof, andere luchtvervuiling, klimaatomstandigheden etc.) en de frequente comorbiditeit die eveneens welvaartgerelateerd is. Het bespreken van volksgezondheidsaspecten en een integrale behandeling inclusief preventie zijn logisch en noodzakelijk. Zo wordt ook duidelijk dat er altijd (vele) andere maatschappelijke actoren medeveroorzaker zijn van ongezondheid. De dokter kan maar een bescheiden rol spelen maar wel een belangrijke, waarin zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid duidelijk zichtbaar wordt. Zie bijvoorbeeld de acties van longartsen Wanda de Kanter en Pauline Dekker tegen roken en de tabakslobby.

Het ministerie van VWS moet mijns inziens een belangrijke rol spelen in de ontwikkeling van het Raamplan Artsopleiding. VWS heeft geen formele verantwoordelijkheid, maar krijgt, als de artsopleiding niet verandert, wel te maken met een deficiënte artsenpopulatie. Daarom zou VWS er pal voor moeten staan dat boven genoemde denkbeelden duidelijk doorklinken in het Raamplan. Ik roep de NFU en VWS graag op om vaart te maken met een nieuw Raamplan, waarin een kanteling in het onderwijsprogramma wordt aangebracht zoals hier bepleit.

Lode Wigersma & Elise Buiting (arts M&G, voorzitter KAMG)

Bron: www.medischcontact.nl