/Samen maatschappelijke problemen te lijf

Samen maatschappelijke problemen te lijf

17 maart 2016
Volksgezondheid

Maatschappelijk is er steeds meer aandacht voor problemen als adipositas, roken, sociaal-emotionele problematiek et cetera. Ook huisartsen, kinderartsen, longartsen en jeugdartsen worden door de media geregeld voor het voetlicht gehaald om hun bezorgdheid te uiten. Als artsen zijn we ieder in ons eigen domein bezig om deze problemen te bestrijden. Er zijn wel ketenzorgprogramma’s en preventie is hiervan een structureel onderdeel, maar de afstemming tussen de verschillende onderdelen van de keten en de collega’s die daarin werken, vindt niet overal en structureel plaats. Ook is er niet altijd samenhang tussen de verschillende ketens. Onderzoek richt zich vaak op de onderscheiden interventies in de keten. De effectiviteit van de keten als geheel wordt niet onderzocht. Daarnaast is financiering vaak niet structureel en integraal geregeld.

De gemeente moet sinds 1 januari 2015 in haar nieuwe rol steeds meer verantwoordelijkheid voor preventie en volksgezondheid nemen. In veel gemeenten blijft dit echter achterwege schrijft Paul van der Velpen, directeur Publieke Gezondheid Amsterdam. In zijn manifest ‘Oog voor preventie’ geeft hij aan dat het huidige sociale zorgstelsel onvoldoende is toegerust op het voorkómen en verminderen van moderne gezondheidsrisico’s als obesitas, sociaal-emo-tionele problematiek en genotmiddelengebruik. Een oogmerk van de wetswijziging in januari 2015 was om de zorg dichter bij de burger te leggen met hulp van vrijwilligers, buren en familie. Dit blijkt nog niet effectief. Zelfredzaamheid werkt niet voor iedereen – soms is een zetje van buiten nodig. Van der Velpen adviseert onder andere: overheid voer een integraal gezondheidsbeleid, ontwerp klant-routes gezien vanuit de burger en borg de sturing op preventie.

De combinatie van de twee bovengenoemde observaties geeft mij de volgende overtuiging: als artsen van verschillende disciplines moeten we elkaar meer opzoeken, we moeten meer samenwerken. Zodoende kunnen we gezamenlijk een visie ontwikkelen op preventieketens en onze richtlijnen en protocollen op elkaar afstemmen. We moeten gebruikmaken van elkaars expertise op de verschillende deelgebieden.

We zijn allemaal bezorgd en voelen steeds indringender de noodzaak om als gehele beroepsgroep de grote maatschappelijke problemen gezamenlijk aan te pakken. Het is immers niet effectief om in de spreekkamer een leefstijladvies te geven als overheid en bedrijfsleven ook niet hun steentje hieraan bijdragen zoals Judith Tjin-A-Ton en David Koetsier schreven (MC 2016/01: 34). Een gedragsverandering teweegbrengen kan alleen door een integrale benadering, waarbij van alle kanten dezelfde boodschap wordt gegeven. Reclamemakers laten ons dat al jaren zien.

Laten we als artsen gezamenlijk een visie ontwikkelen en vandaaruit onze richtlijnen en protocollen afstemmen. Met een gezamenlijk integraal beleid kunnen we, als artsen, onze maatschappelijke verantwoording nemen. En éénheid maakt macht! Het verschaft ons een veel sterkere positie ten opzichte van gemeenten, landelijke overheid en bedrijfsleven.

René Héman, voorzitter KAMG