/Tbc-bestrijding, een maatschappelijk belang

Tbc-bestrijding, een maatschappelijk belang

26 mei 2016

Deze week had ik met VWS een gesprek over de verwachte tekorten aan artsen in de sociale geneeskunde. Dit geldt onder meer voor tuberculoseartsen. Illustratief hiervoor vind ik het manifest van de Vereniging van Artsen werkzaam in Tuberculosebestrijding. In ruim 100 jaar heeft de tuberculosebestrijding in Nederland het aantal patiënten met tuberculose weten terug te dringen tot minder dan 1000 patiënten per jaar. Een groot succes dankzij goede systematische screening, snelle opsporing van patiëntcontacten, en onderzoeken en vernieuwingen op het gebied van diagnostiek en behandeling.

Tot 2030 zal het aantal tuberculosepatiënten waarschijnlijk tussen de 400 en 1000 per jaar liggen en zal een afnemend percentage patiënten van Nederlandse afkomst zijn (van 30% nu tot 15% in 2030). De onzekerheden van deze schattingen zijn aanzienlijk, met name door de onvoorspelbaarheid van de instroom van immigranten. In het kader van de WHO-eliminatiestrategie voor landen met een lage tbc-incidentie zal ook in Nederland de nadruk steeds meer gaan liggen op screening op latente tuberculose-infectie. Hierdoor zullen meer mensen preventief worden behandeld, wat extra personeel vergt.

In het genoemde manifest maken de Nederlandse artsen tuberculosebestrijding zich echter ernstig zorgen over de continuïteit van de tuberculosebestrijding nu hun aantal in de afgelopen 10 jaar met meer dan 30 procent is afgenomen. Er resteert nu nog minder dan 20 fte aan werkzame tuberculose-artsen en hun expertise wordt in de huidige gemeentelijke organisatie onvoldoende benut. Er is een kritisch minimum bereikt, terwijl het aantal artsen naar verwachting verder zal afnemen doordat de helft van de resterende artsen ouder is dan 55 jaar.

De tuberculosebestrijding valt onder verantwoordelijkheid van lokale GGD-en in opdracht van gemeenten. Organisatie op gemeentelijk of regionaal niveau is voor de bestrijding van tuberculose echter bestuurlijk, financieel en personeelsmatig steeds moeilijker uitvoerbaar, hetgeen zich uit in een grote diversiteit. Daar zijn een goede regie en kwaliteit van de tuberculosebestrijding niet bij gebaat.

De artsen tuberculosebestrijding pleiten voor een compact landelijk aangestuurd apparaat. Zo kan slagvaardiger worden opgetreden bij uitbraken of calamiteiten anderszins en de inzet van het gespecialiseerde personeel sneller worden opgeschaald. Nederland is een land met een lage tuberculose-incidentie, waar de lokale epidemiologische situatie sterk wordt bepaald door mondiale invloeden. Tegen die achtergrond gezien is het essentieel de aanwezige kennis en kunde te behouden.

De KAMG maakt zich zorgen over het ontbreken van visie en regie om tot een goede personeelsplanning in de publieke gezondheidszorg te komen. Gemeenten zijn erg druk met de veranderingen in de zorg en de vluchtelingen. Maar het gebrek aan regie op de organisatie en een proactieve personeelsplanning zal de problemen in de publieke gezondheidszorg alleen maar doen toenemen. Het is in het belang van een goede publieke gezondheidszorg om dit wel te prioriteren en te adresseren. Zowel VWS als VNG alsmede de individuele gemeenten moeten dit inzien. Regeren is toch vooruitzien.

René Héman, voorzitter KAMG